Het begon niet met een groot avontuur of een impulsieve roadtrip, maar met een rustige, bijna praktische vraag: wat als je leven simpeler kan? Voor de Spanjaard Jesús werd die gedachte het startsein van een flinke ommezwaai, eentje die je tegenwoordig steeds vaker hoort.

Hij ruilde zijn traditionele woning in voor een thuis op wielen: een zelfgebouwde camper van zes meter, die hij ‘India’ doopte. Niet als tijdelijke fase, maar als permanente manier van wonen en reizen, met opvallend lage maandlasten als resultaat.
Van vaste muren naar een mobiele basis
Jesús deed zijn verhaal bij de Spaanse radiozender Cadena COPE. Nadat hij zijn huis had verkocht, besloot hij zijn leven anders in te richten: minder spullen, minder vaste kosten en meer controle over waar hij zijn dagen doorbrengt.
Zijn camper werd daarmee niet “een voertuig met een bed”, maar zijn complete woning. En dat merk je direct in zijn uitgaven, zegt hij: gemiddeld geeft hij maandelijks zo’n 300 tot 500 euro uit, vooral aan eten en diesel.
Waar de besparing volgens hem echt vandaan komt
Wie in een gewoon huis woont, kent het rijtje: belastingen, servicekosten, bijdragen aan een VvE, en elke maand weer de rekeningen voor water en elektriciteit. Volgens Jesús lagen zijn woonkosten daardoor minstens twee keer zo hoog.
In de camper verdwijnt een groot deel van die vaste lasten. „Je geeft geld uit aan levensmiddelen en een beetje diesel, maar verder aan bijna niets,” aldus Jesús. Dat klinkt simpel, maar vraagt wel om een andere manier van leven.
Leven op zes meter: klein wonen, anders denken
Een camper van zes meter is geen huis met extra kamers. Opslagruimte is beperkt, en dat dwingt tot keuzes. Jesús doet daarom bijna dagelijks boodschappen en koopt alleen wat hij echt nodig heeft, zodat hij geen volle kasten hoeft te hebben.
Cadena COPE schrijft dat hij door die routine ook bewuster is gaan koken. Sterk bewerkte producten spelen een kleinere rol, simpelweg omdat “voorraad inslaan” in een kleine leefruimte niet handig is.
India was geen showroommodel, maar een lang bouwproject
Zijn camper kwam niet kant-en-klaar uit een luxe catalogus. Jesús werkte ongeveer anderhalf jaar aan de inrichting en bouwde veel onderdelen zelf. Daarbij zocht hij steeds naar betaalbare oplossingen, zonder op functionaliteit in te leveren.
LEES OOK:Zeven mensen omgekomen bij verschrikkelijk verkeersongeluk
Zo gebruikte hij aangepaste transportboxen uit vrachtwagens van rond de 100 euro. Ook investeerde hij in een geïsoleerde daktent (ongeveer 1.500 euro) en maakte hij een zonwering om zijn hond Zeus te beschermen op hete dagen.
Zelfvoorzienend reizen: zonne‑energie, internet en een droogtoilet
Om niet afhankelijk te zijn van campings en vaste voorzieningen, heeft Jesús India zo zelfstandig mogelijk ingericht. Op het dak liggen zonnepanelen voor stroom, en voor internet gebruikt hij Starlink, zodat hij ook onderweg online kan blijven.
Daarnaast beschikt de camper over een droogtoilet. Dat is geen detail voor de leuk: het verkleint de noodzaak om constant plekken met sanitaire voorzieningen op te zoeken. Minder afhankelijkheid betekent in de praktijk vaak ook minder extra uitgaven.
De prijs van vrijheid: campers zijn flink duurder geworden
Toch is deze lifestyle niet automatisch goedkoop, en Jesús houdt die kant van het verhaal niet weg. De maandelijkse kosten kunnen dan laag zijn, maar de instapprijs van een camper is de afgelopen jaren stevig opgelopen.
Hij wijst erop dat een voertuig vergelijkbaar met zijn voormalige Fiat Ducato inmiddels rond de 80.000 euro kan kosten, bijna 30.000 euro meer dan wat hij destijds betaalde. Dat maakt de stap voor veel mensen lastiger.
Ook vaste jaarlijkse kosten tellen mee
De Duitse Tagesschau schetst hetzelfde beeld: nieuwe campers met een degelijke uitrusting zitten vaak tussen de 60.000 en 80.000 euro. Gebruikte campers blijven ook prijzig, al zijn de prijzen sinds 2024 wat gedaald na de coronapiek.
En dan is er nog het kostenplaatje ná de aanschaf. Denk aan verzekering, onderhoud, belastingen en eventueel stalling. Tagesschau schat die vaste lasten op zo’n 1.500 tot 3.500 euro per jaar, exclusief brandstof en campings.
Meer dan geld: onderweg vond hij rust
Bij Jesús draait het verhaal uiteindelijk niet alleen om euro’s. Hij zegt dat hij eerder kampte met angstklachten en depressieve gevoelens. Het leven onderweg, met minder druk en meer ruimte in zijn hoofd, heeft hem naar eigen zeggen geholpen.
Een moment dat hem bijbleef was een zonsondergang in La Fabriquilla in Zuid‑Spanje. Alleen al kijken naar het landschap had volgens hem een opvallend positief effect. Niet groots of ingewikkeld, maar precies wat hij nodig had.
Viaja en tribu: ervaringen delen en anderen inspireren
Inmiddels deelt Jesús zijn ervaringen via zijn project ‘Viaja en tribu’. Daarmee wil hij anderen laten zien hoe reizen en wonen in een camper er in de praktijk uitziet, inclusief de voordelen én de uitdagingen die je niet altijd op Instagram ziet.
„Je hoeft niet naar het einde van de wereld te reizen, hoewel het, eerlijk gezegd, echt helpt!” schrijft hij. Zijn verhaal laat vooral zien dat vrijheid soms in kleine meters zit, maar niet zonder slimme keuzes en investering begint. Wat vind jij: zou jij zo kunnen leven? Laat het weten via onze social media.
Bron: racing.nl
LEES OOK:OPGELET: ‘Vanaf deze datum zijn helm verplicht op een fatbike’










