De wintermaanden brengen voor veel huishoudens extra zorgen met zich mee, zeker nu de energiekosten hoog blijven. Ondanks nieuwe toezeggingen en extra budgetten van de overheid, blijft de vraag wie werkelijk geholpen wordt en wie niet.

Achter de cijfers en regelingen schuilt een groeiende groep Nederlanders die nauwelijks zichtbaar is in de statistieken, maar wel dagelijks de gevolgen ondervindt.
Met de aankondiging dat het Noodfonds Energie opnieuw van start gaat, klinkt er hoop voor veel mensen die moeite hebben om de stijgende energierekening te betalen. Toch heerst er ook onrust, want niet iedereen die krap bij kas zit, kan aanspraak maken op steun.
Vooral huishoudens die extreem zuinig omgaan met energie, vallen buiten de boot. Zij besparen zo drastisch op verwarming dat hun energierekening onder de officiële drempel blijft.
Het kabinet heeft besloten om het Noodfonds Energie vanaf 4 januari weer open te stellen, met een fors verhoogd budget van 193 miljoen euro. Dat is ruim drie keer zoveel als in de vorige ronde.
Naar verwachting kunnen circa 500.000 huishoudens een beroep doen op deze regeling. Aanvragen is mogelijk tot en met 7 mei. Deze keer geldt dat iedereen die voldoet aan de voorwaarden daadwerkelijk een tegemoetkoming ontvangt, ongeacht het aantal aanmeldingen.
Daarmee verdwijnt het eerdere principe van ‘op is op’, wat vorig jaar nog tot veel frustratie leidde. Energiedeskundigen zien de uitbreiding van het fonds als een stap vooruit, maar blijven kritisch vanwege de groep die buiten de regeling valt.
Een fonds met ruim drie keer zoveel geld
Het Noodfonds Energie richt zich op huishoudens met een bruto-inkomen tot 130 procent van het sociaal minimum, die meer dan 8 procent van hun inkomen kwijt zijn aan energiekosten.
Voor huishoudens met een inkomen tussen 130 en 200 procent van het sociaal minimum, geldt een hogere drempel: zij moeten ten minste 10 procent van hun inkomen aan energie uitgeven om voor hulp in aanmerking te komen. Het fonds betaalt de helft van het bedrag dat boven deze grens uitkomt.
Minimaal 120 euro, maximaal 1.800 euro
De uitkering uit het fonds varieert van minimaal 120 euro tot maximaal 1.800 euro per huishouden. In de praktijk wordt het bedrag waar mogelijk verrekend via de energieleverancier, verspreid over twaalf maanden. Voor mensen met blokverwarming wordt het geld rechtstreeks op de rekening gestort.
De bovengrens voor het inkomen ligt op ongeveer 3.580 euro bruto per maand voor alleenstaanden en 5.000 euro voor samenwonenden. Belangrijk hierbij is dat het fonds kijkt naar het actuele termijnbedrag dat men aan de energieleverancier betaalt, niet naar het theoretische verbruik.
De blinde vlek van 119.000 huishoudens
In een Kamerbrief van 1 juli erkende minister Vijlbrief dat er in Nederland ongeveer 119.000 huishoudens zijn die in zogenaamde verborgen energiearmoede leven.
Deze mensen besparen zo hard op hun energieverbruik – bijvoorbeeld door de thermostaat op 15 of 16 graden te zetten – dat hun uitgaven te laag zijn om voor steun in aanmerking te komen.
Hoewel hun behoefte groot is, vallen zij buiten de officiële rekenregels van het fonds, dat uitsluitend afgaat op de daadwerkelijk betaalde energiekosten.
Niet uitvoerbaar, zegt de minister
Volgens de minister biedt het noodfonds geen directe oplossing voor deze verborgen energiearmoede. Vijlbrief stelt dat het praktisch niet uitvoerbaar is om per huishouden te bepalen waarom het energieverbruik zo laag is. Het zou betekenen dat bij elk huishouden navraag gedaan moet worden naar de omstandigheden, wat volgens hem onhaalbaar is.
Waarom verbreden volgens het kabinet niet werkt
De D66-minister van Sociale Zaken ziet geen mogelijkheden om het fonds open te stellen voor een bredere groep. Uitbreiding zou volgens hem vooral betekenen dat het beschikbare geld over meer mensen verdeeld moet worden, waardoor juist de meest kwetsbaren minder ondersteuning ontvangen.
Daarbij wijst hij erop dat mensen met een wat hoger inkomen doorgaans minder moeite hebben om een hoge energierekening te betalen. Ook de uitvoeringslasten zouden flink toenemen: meer aanvragen vergen meer personeel en dus extra kosten.
Het fonds was oorspronkelijk bedoeld als tijdelijke oplossing en zou worden afgebouwd, maar vanwege de recente energiecrisis is het opnieuw opgetuigd.
Vroeg naar bed om de kachel uit te laten
Hulpverleners in onder meer Arnhem zien dagelijks de gevolgen van deze blinde vlek. Sommige mensen gaan noodgedwongen vroeg naar bed om de verwarming uit te kunnen laten, anderen – vaak ouderen – zitten urenlang in de kou.
Dit heeft een direct negatief effect op hun gezondheid. Ook komen er steeds meer signalen van gezinnen die minder vaak koken of zelfs koud douchen om kosten te besparen. Volgens Henk de Graaf van het Armoedefonds hebben deze huishoudens misschien geen torenhoge energierekening, maar ze betalen een andere prijs: die van comfort en gezondheid.
Koken of stoken, elke dag opnieuw
Energiecoaches van Energiebank Nederland komen veel bij deze mensen thuis. Directeur Marieke Vollering vertelt dat gezinnen soms dagelijks voor de keuze staan tussen koken en stoken, omdat er simpelweg niet genoeg geld is voor beide.
Onderzoeker Peter Mulder van TNO wijst erop dat deze huishoudens vanwege hun lage energierekening onzichtbaar blijven voor het beleid. Hulp en regelingen zijn gericht op hoge kosten, terwijl de mensen die het meest besparen vaak de grootste problemen ervaren. Zij zitten, letterlijk en figuurlijk, in de kou.
Ook met steun blijft er een gat
Arme huishoudens met hoge energiekosten kwamen vorig jaar gemiddeld zo’n 600 euro per jaar tekort. Vijlbrief verwacht dat het noodfonds dit jaar gemiddeld 360 euro per huishouden zal uitkeren. Daarmee verdwijnt het verschil dus niet.
Volgens berekeningen van het Armoedefonds ontbreekt er bij hoge energieprijzen gemiddeld zelfs 1.100 euro per jaar bij energiearme huishoudens. Directeur Henk de Graaf noemt het noodfonds daarom niet meer dan “een pleister op de wond”.
Verborgen energiearmoede is verdubbeld
Uit gegevens van TNO en het CBS blijkt dat het aandeel huishoudens dat minder energie verbruikt dan noodzakelijk, fors is gestegen. Voor de energiecrisis was dat 24 procent van de energiearme huishoudens, in 2024 is dat opgelopen tot 49 procent.
In absolute aantallen betekent dit een stijging van 80.000 naar 119.000 huishoudens. In totaal kampen naar schatting 503.000 huishoudens met energiearmoede, wat neerkomt op zes procent van alle Nederlandse huishoudens. Ongeveer negentig procent hiervan woont in een huurwoning.
Kou maakt mensen ziek
TNO onderzocht ook de gevolgen voor de gezondheid. Mensen met een laag inkomen die in slecht geïsoleerde woningen wonen, hebben gemiddeld 5 procentpunt hogere zorgkosten dan vergelijkbare huishoudens in goed geïsoleerde woningen. Voor de groep die de verwarming structureel laag of uit laat, loopt het verschil zelfs op tot 8 procentpunt.
Volgens het Armoedefonds kunnen mensen die de verwarming de hele winter uit laten, te maken krijgen met vochtproblemen, schimmel en andere gezondheidsklachten.
Wat er misging bij de vorige ronde
In de vorige aanvraagronde was het fonds na een week al gesloten vanwege het grote aantal aanvragen. Huishoudens die wat meer tijd nodig hadden om de aanvraag in te dienen, visten achter het net. Dit leidde tot forse kritiek.
De Nationale ombudsman noemde de aanvraagprocedure oneerlijk, omdat deze uitsluitend digitaal verliep. Wie geen DigiD, computer of smartphone had, kon geen aanvraag doen. Ook vond de ombudsman dat het aanvraagproces te passief was ingericht.
Wat huishoudens nu kunnen doen
Dit jaar kunnen aanvragen worden ingediend tussen 4 januari en 7 mei via noodfondsenergie.nl, en voor het eerst is het ook mogelijk om op papier een aanvraag te doen. Vanaf 1 december kunnen mensen al vragen stellen aan het fonds.
Voor het aanvragen is het nodig dat ieder gezinslid van 23 jaar of ouder beschikt over een eigen DigiD, omdat inkomensgegevens automatisch worden opgehaald. Wie nog geen DigiD heeft, moet hier enkele werkdagen voor uittrekken.
Structureel is er nog niets geregeld
Hoogleraar energie-economie Machiel Mulder benadrukt dat het noodfonds vooral bedoeld is als tijdelijke noodmaatregel. Hij pleit voor meer middelen voor structurele oplossingen en vindt dat kwetsbare huishoudens actief ondersteund moeten worden bij het aanvragen van hulp.
Er wordt gewerkt aan een publiek Energiefonds, maar daarvoor is eerst een wetswijziging nodig. Tot die tijd blijft het Noodfonds Energie een tijdelijke oplossing, die ook dit jaar slechts voor één jaar geldt.






