Elke ochtend als ik de wekker hoor, begin ik de dag met een zware last op mijn schouders. Mijn vrouw en ik hebben allebei een goede baan, met een vast contract en prima salaris, maar toch weten we elke maand amper rond te komen.

Het lijkt bijna absurd: twee voltijdse inkomens en toch moeten we elk dubbeltje omdraaien. Vaak vraag ik me af waar het fout gaat, maar alles wordt duurder. De kosten stapelen zich op, en elke maand lijkt de balans verder uit ons zicht te raken.
Aan het einde van de maand is de koelkast bijna leeg, en de stapel rekeningen wordt alleen maar groter. Ons geld verdwijnt sneller dan we het verdienen. De vaste lasten schieten omhoog, van huur tot boodschappen en van kinderopvang tot de energierekening.
We hadden het altijd goed voor elkaar, maar de laatste jaren is het alsof er steeds meer uit onze handen glipt. We besparen waar we kunnen, maar zelfs dat lijkt niet genoeg. Hoe hard we ook werken, er blijft nauwelijks iets over om van te leven.
We hebben twee kinderen die we het beste willen geven, maar zelfs simpele dingen worden een luxe. Een keer uit eten of een weekendje weg zit er al maanden niet meer in. We leggen ze uit dat we keuzes moeten maken, maar als ouder doet het pijn om “nee” te moeten zeggen.
De kinderen begrijpen het niet altijd, en waarom zouden ze ook? Ze zien hun ouders de hele week werken en verwachten, net als wij vroeger, dat dit genoeg zou moeten zijn voor een prettig leven.











