Het gaat al jaren over de loonkloof tussen mannen en vrouwen, maar het onderwerp blijft hardnekkig terugkomen. Niet omdat er niets verandert—integendeel—maar omdat de verschillen, ondanks kleine stappen vooruit, nog steeds flink voelbaar zijn.

Nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) laten zien dat het inkomensverschil kleiner wordt. Toch zit er nog steeds ruimte tussen wat mannen en vrouwen gemiddeld verdienen, en dat zie je terug in uurloon, maandloon én extra’s zoals bonussen.
Het uurloon zegt meer dan je denkt
Wie het eerlijker wil vergelijken, komt al snel uit bij het uurloon. Dat corrigeert namelijk voor het simpele feit dat veel mensen niet evenveel uren werken. En juist daar zit een belangrijk deel van het verschil: vrouwen werken vaker parttime dan mannen.
Volgens de nieuwste CBS-cijfers verdienen mannen gemiddeld €31,79 per uur. Vrouwen komen uit op €28,71. Dat is ruim drie euro minder per gewerkt uur. In procenten betekent dit een verschil van 9,7%.
De kloof krimpt, maar langzaam
Het opvallende is dat het verschil in uurloon wel degelijk kleiner wordt. In 2020 lag de kloof nog op 13,7%. In de jaren daarna daalde het verschil stap voor stap, tot het huidige niveau van 9,7%.
Dat klinkt als goed nieuws, maar het tempo is belangrijk. Want zelfs met deze daling blijft het idee overeind dat mannen en vrouwen voor vergelijkbaar werk niet altijd op hetzelfde eindbedrag uitkomen, ook niet als je per uur rekent.
Gemiddelde uurlonen op een rij
Onderstaande reeks laat zien hoe het gemiddelde uurloon zich de afgelopen jaren ontwikkelde. De lijn is duidelijk: de lonen stijgen voor iedereen, maar het verschil blijft aanwezig.
Gemiddeld uurloon
2020: man €25,50 – vrouw €22,00 (verschil 13,7%)
2021: man €25,86 – vrouw €22,45 (verschil 13,2%)
2022: man €26,74 – vrouw €23,35 (verschil 12,7%)
2023: man €28,57 – vrouw €25,14 (verschil 12,0%)
2024: man €30,31 – vrouw €27,07 (verschil 10,7%)
2025: man €31,79 – vrouw €28,71 (verschil 9,7%)
Maand- en jaarsalaris: daar wordt het gat pas echt zichtbaar
Wie naar maand- en jaarsalarissen kijkt, ziet een veel groter verschil. Dat komt vooral doordat het aantal gewerkte uren zwaarder meeweegt. En daar is het patroon al jaren bekend: mannen werken gemiddeld meer uren per week.

Het gemiddelde maandsalaris ligt voor mannen rond €3.979. Vrouwen zitten gemiddeld op €2.783. Dat is bijna €1.200 verschil per maand. Op jaarbasis loopt dat op tot vele duizenden euro’s.
Gemiddelde maandsalarissen per jaar
Als je de maandlonen over meerdere jaren bekijkt, zie je dat de kloof langzaam iets kleiner wordt, maar nog steeds rond de 30% ligt. Dat is niet bepaald marginaal: het bepaalt mee hoeveel ruimte iemand heeft om te sparen of grote kosten op te vangen.
Gemiddeld maandsalaris
2020: man €3.202 – vrouw €2.080 (verschil 35%)
2021: man €3.268 – vrouw €2.153 (verschil 34%)
2022: man €3.359 – vrouw €2.251 (verschil 33%)
2023: man €3.566 – vrouw €2.430 (verschil 32%)
2024: man €3.776 – vrouw €2.627 (verschil 30%)
2025: man €3.962 – vrouw €2.774 (verschil 30%)
Jaarloon: duizenden euro’s verschil
Op jaarbasis wordt de impact nog harder. Mannen verdienen gemiddeld €55.690 per jaar, vrouwen gemiddeld €38.490. Dat is een verschil van ruim €17.000. Natuurlijk: niet iedereen werkt evenveel uren, maar het blijft een fors bedrag.
Het CBS geeft ook aan dat mannen gemiddeld 33 uur per week werken, terwijl vrouwen gemiddeld op 25,8 uur zitten. Dat verschil in uren verklaart een flink deel van de kloof in maand- en jaarinkomen.
Gemiddelde jaarsalarissen per jaar
Ook hier zie je dat de percentages langzaam dalen, maar de afstand blijft groot. Zelfs als het percentage iets krimpt, blijft het absolute bedrag vaak alsnog hoog omdat lonen in de breedte stijgen.
Gemiddeld jaarsalaris
2020: man €39.010 – vrouw €25.060 (verschil 36%)
2021: man €39.840 – vrouw €25.950 (verschil 35%)
2022: man €40.910 – vrouw €27.110 (verschil 34%)
2023: man €43.390 – vrouw €29.260 (verschil 33%)
2024: man €45.930 – vrouw €31.620 (verschil 31%)
2025: man €47.740 – vrouw €33.390 (verschil 30%)
Bonussen en extra’s maken het verschil extra zichtbaar
Wat vaak onderbelicht blijft: het gaat niet alleen om het vaste loon. Ook bij bijzondere beloningen—denk aan bonussen, winstdeling of aandelen—loopt het verschil op. Zulke extra’s komen vaker terecht bij functies waarin mannen relatief vaker zitten.
Gemiddeld ontvangen mannen aan bijzondere beloningen zo’n €7.950. Voor vrouwen ligt dit op €5.100. Dat is geen klein detail: dit soort extra inkomsten kan net het verschil maken tussen ‘rondkomen’ en ‘ruimte hebben’.

De auto van de zaak: klein detail, grote betekenis
Zelfs bij iets als een auto van de zaak zie je het verschil terug. De bijtelling—meestal 22% van de cataloguswaarde—valt bij mannen gemiddeld hoger uit. Dat kan duiden op duurdere auto’s, of op het feit dat mannen vaker zo’n auto krijgen.
Bij vrouwen ligt de gemiddelde bijtelling rond €230, bij mannen rond €960. Vier keer zoveel. Het is een detail dat meteen iets vertelt over functieniveau, sectoren en arbeidsvoorwaarden, en hoe ongelijkheid zich soms verstopt in ‘extraatjes’.
Waarom het verschil blijft bestaan
Er is niet één simpele oorzaak. Een belangrijke factor is sectorkeuze. Vrouwen werken relatief vaak in zorg en onderwijs, sectoren die maatschappelijk onmisbaar zijn maar gemiddeld lager betalen. Mannen werken vaker in techniek en industrie, waar lonen vaker hoger liggen.
Daarnaast speelt parttime werk mee. Wie minder uren werkt, heeft soms minder kansen op doorgroei, leidinggevende functies of zichtbare projecten. En dat kan later weer doorwerken in salarisontwikkeling, zelfs als iemand inhoudelijk net zo sterk is.
Onderhandelen, promotie en doorstroom
Ook de route omhoog binnen organisaties telt mee. Mannen vragen gemiddeld vaker om promotie of loonsverhoging en komen nog altijd vaker terecht in leidinggevende functies. Dat betekent: hogere salarisschalen, meer bonussen en vaker betere arbeidsvoorwaarden.
Dat maakt de kloof niet alleen een loonverhaal, maar ook een loopbaanverhaal. De cijfers gaan dus niet alleen over ‘wat staat er op de loonstrook’, maar ook over wie kansen krijgt, benut en toegewezen krijgt binnen de werkvloer.
En nu?
De trend is duidelijk: het verschil wordt kleiner, maar de kloof is er nog steeds. Vooral bij maand- en jaarsalarissen blijft het gat groot, met duidelijke gevolgen voor financiële zelfstandigheid en zekerheid op de lange termijn.
Hoe kijk jij hiernaar? Merk je het in jouw sector of juist helemaal niet? Laat het weten via onze sociale media—benieuwd naar jouw ervaringen en wat volgens jou het meeste zou helpen om dit verschil verder te dichten.
Bron: geldzaken.nl


