Nog voordat de kabinetsformatie formeel is afgerond, loopt de politieke spanning zichtbaar op rond het zorgbeleid. Fleur Agema heeft zich scherp uitgesproken over de koers die wordt verkend door CDA, VVD en D66. In haar ogen staan kwetsbare groepen opnieuw onder druk. De uitlatingen markeren een vroeg, maar fel conflict. Het zorgdossier blijkt opnieuw een explosief strijdtoneel binnen de Haagse politiek.
Aanbevolen Video
Scroll om verder te lezen.
Volgens Agema zijn de plannen die de beoogde coalitie bespreekt schadelijk voor ouderen en chronisch zieken. Waar Henri Bontenbal spreekt over bestuurlijke verantwoordelijkheid, ziet zij vooral risico’s voor mensen die bescherming nodig hebben. De tegenstelling in toon en inhoud laat weinig ruimte voor nuance. De zorg dreigt daarmee opnieuw inzet te worden van een ideologische strijd, nog voordat er besluiten zijn genomen.
De aanleiding voor het conflict ligt op sociale media, waar Bontenbal de zorgafspraken verdedigde. Hij stelde dat ingrepen noodzakelijk zijn om de zorgkosten beheersbaar te houden. Daarbij sprak hij over moeilijke, maar moedige beslissingen. Die woorden schoten bij Agema volledig in het verkeerde keelgat. Zij reageerde vrijwel direct en zette vraagtekens bij de sociale gevolgen van die keuzes.
In haar reactie stelt Agema dat investeringen in de zorg juist worden teruggedraaid. Volgens haar komen financiële lasten terecht bij mensen met de minste ruimte. Ze verwijt het CDA dat eerdere beloften over betaalbare zorg worden ingeruild voor begrotingsdiscipline. Politieke stabiliteit zou daarbij zwaarder wegen dan toegankelijkheid. Die beschuldiging raakt de kern van het debat over de toekomst van de zorgverzekering.
Het eigen risico vormt een belangrijk breekpunt in de discussie. Tijdens de verkiezingen pleitte de PVV voor een forse verlaging. Dat plan kost volgens ramingen ongeveer 4,6 miljard euro. Daarnaast lag er een voorstel om structureel 600 miljoen euro extra uit te trekken voor ouderenzorg. Volgens Agema verdwijnen beide plannen nu van tafel, met directe gevolgen voor patiënten.
Volgens haar betekent dit dat mensen bij ziekte hoge kosten blijven betalen. Verpleeghuizen en thuiszorgorganisaties zouden daardoor minder ruimte krijgen. Agema spreekt van gebroken beloften en waarschuwt voor toenemende ongelijkheid. Vooral ouderen en chronisch zieken zouden hiervan de dupe worden. Het debat raakt daarmee direct aan vragen over solidariteit binnen het zorgstelsel.

De politieke context speelt hierbij een grote rol. VVD, D66 en CDA sturen aan op een minderheidskabinet zonder vaste Kamermeerderheid. In zo’n constructie ligt de nadruk sterk op financiële haalbaarheid. Elke uitgave wordt extra kritisch bekeken. Volgens de coalitiepartijen dwingen begrotingsregels tot scherpe keuzes, waarbij niet alles tegelijk mogelijk is.
Agema verwerpt die redenering en noemt zorg een basisvoorziening. Zij stelt dat investeren in zorg geen kostenpost is, maar een maatschappelijke noodzaak. Bezuinigen zou volgens haar leiden tot hogere uitgaven op langere termijn. Het verschil in visie onderstreept hoe fundamenteel de tegenstelling is. De discussie gaat daarmee verder dan cijfers en raakt aan politieke overtuigingen.
Ook de zorgarbeidsmarkt komt nadrukkelijk aan bod in het debat. De sector kampt al jaren met personeelstekorten door vergrijzing en hoge werkdruk. Volgens Agema zijn er juist afspraken gemaakt om dat tij te keren. Investeringen in opleiding en betere roosters zouden effect hebben. In haar berekeningen kan het tekort in 2028 dalen naar 28.000 medewerkers.
Als die plannen worden losgelaten, vreest zij een tegenovergestelde ontwikkeling. Het tekort zou kunnen oplopen tot meer dan 120.000 zorgmedewerkers. Dat betekent gesloten afdelingen en langere wachttijden. Voor patiënten vertaalt dit zich naar uitgestelde zorg en onzekerheid. Digitale oplossingen helpen deels, maar lossen het tekort aan personeel niet structureel op.
Voor de coalitie ligt de nadruk op doelmatigheid en preventie. Niet elk voorstel kan worden uitgevoerd, hoe sympathiek ook. Volgens deze visie blijft de zorg alleen betaalbaar door efficiëntere organisatie. Critici betwijfelen of dat zonder extra middelen realistisch is. Zij vragen om duidelijkheid over gevolgen, compensatie via zorgtoeslag en bescherming van kwetsbare groepen.

Opvallend is dat Agema het zorgdebat verbindt aan bredere internationale invloeden. Zij waarschuwt voor technocratische sturing en verwijst daarbij naar Davos. Formeel heeft het World Economic Forum geen directe invloed op Nederlands beleid. Toch resoneert het wantrouwen bij een deel van het electoraat. Ook dit sentiment speelt mee in het zorgdebat.
De komende weken verschuift de discussie naar de Tweede Kamer. Begrotingsbehandelingen zullen duidelijk maken of plannen worden aangepast. In een minderheidskabinet is steun van oppositiepartijen cruciaal. Dat biedt kansen, maar vergroot ook de onzekerheid. Vaststaat dat de zorg opnieuw centraal staat in een fundamenteel politiek conflict over richting en verantwoordelijkheid.










