De achttiende verjaardag van een kind markeert voor veel gezinnen een symbolisch kantelpunt richting volwassenheid en zelfstandigheid. Tegelijkertijd blijkt deze mijlpaal in de praktijk vaak een harde financiƫle breuklijn. Inkomsten waarop ouders jarenlang konden rekenen, vallen abrupt weg. De vaste lasten binnen het huishouden veranderen echter nauwelijks. Daardoor ontstaat bij veel gezinnen direct een kwetsbare situatie, waarin het maandbudget plotseling onder druk komt te staan en financiƫle zekerheid verdwijnt.
Aanbevolen Video
Scroll om verder te lezen.
Recente berekeningen van het Nibud laten zien dat het gezinsinkomen stevig kan dalen zodra een thuiswonend kind meerderjarig wordt. Kinderbijslag en het kindgebonden budget stoppen onmiddellijk. Tegelijk blijven kosten voor voeding, energie, kleding en wonen onverminderd doorlopen.
Vooral bij huishoudens met beperkte buffers leidt deze omslag tot structurele tekorten, waarbij het evenwicht tussen inkomsten en uitgaven in korte tijd volledig verdwijnt.
Regelingen verdwijnen zonder overgang
In het eerste kwartaal van 2025 ontvingen bijna 200.000 gezinnen kinderbijslag voor een 17-jarige. Daarnaast kregen ongeveer 105.000 huishoudens het kindgebonden budget.
Beide regelingen vervallen volledig zodra een kind 18 jaar wordt. Dit gebeurt ongeacht inkomen, gezinssamenstelling of woonsituatie. Er bestaat geen overgangsregeling die de financiƫle schok voor gezinnen verzacht.
Nieuwe regelingen voor het kind zelf vangen dit verlies vaak onvoldoende op. Zorgtoeslag of studiefinanciering compenseren de weggevallen steun zelden volledig. Tegelijk nemen de kosten juist toe. Vanaf achttien jaar moet een jongere een eigen zorgverzekering afsluiten. School- of collegegeld komt eveneens voor rekening van het gezin, waardoor de financiƫle balans snel doorslaat.
Alleenstaande ouders kwetsbaarst
De zwaarste gevolgen worden gevoeld door alleenstaande ouders met een laag inkomen. Wanneer hun jongste kind 18 wordt en start in het hoger onderwijs, verliezen zij volgens het Nibud bijna 720 euro per maand. Dit bedrag bestaat uit kinderbijslag, het kindgebonden budget en de aanvullende toeslag voor alleenstaande ouders. Die inkomsten vallen in ƩƩn keer volledig weg.

Ook bij een mbo-student blijft het inkomensverlies aanzienlijk. In dat geval gaat het om ruim 300 euro per maand minder. Voor gezinnen met weinig financiƫle ruimte vormt dit geen kleine tegenvaller, maar een directe bedreiging van hun bestaanszekerheid. De vaste lasten blijven immers onverminderd hoog, terwijl de inkomsten fors teruglopen.
Druk op middeninkomens groeit
De financiƫle gevolgen beperken zich niet tot gezinnen rond het sociaal minimum. Ook middeninkomens zien hun maandbudget krimpen wanneer een kind meerderjarig wordt. Het verschil zit vooral in de aanwezigheid van reserves. Huishoudens met spaargeld kunnen het verlies tijdelijk opvangen. Zonder buffer leidt dezelfde terugval sneller tot stress en lastige financiƫle keuzes.
Daarbij speelt een vaak vergeten juridisch aspect. Ouders zijn wettelijk verplicht om bij te dragen aan het levensonderhoud en de studiekosten van hun kinderen tot 21 jaar. Overheidsregelingen houden hier geen rekening mee. De verantwoordelijkheid blijft volledig bij gezinnen liggen, terwijl de financiƫle ondersteuning juist op dat moment wegvalt.
Inkomen verschuift binnen het huishouden
Na de achttiende verjaardag verandert ook de richting van de geldstromen. Kinderbijslag en het kindgebonden budget werden altijd aan ouders uitgekeerd. Vanaf dat moment komen studiefinanciering, zorgtoeslag en andere tegemoetkomingen rechtstreeks op de rekening van het kind terecht. Dit zorgt binnen huishoudens regelmatig voor nieuwe spanningen.
Het geld is vaak bedoeld voor kosten die ouders blijven betalen. Denk aan boodschappen, energie en woonlasten. Wanneer deze inkomsten niet gedeeld worden, ontstaat een tekort in het gezinsbudget. Duidelijke afspraken zijn noodzakelijk, maar niet elk gezin is daarop voorbereid. Hierdoor ontstaan misverstanden en financiƫle druk achter de voordeur.
Thuis wonen vergroot de gevolgen
Uit het onderzoek blijkt dat 87 procent van de 18-jarigen nog bij hun ouders woont. Door de krappe woningmarkt blijven jongeren gemiddeld tot hun 24ste thuis.

Gezinnen dragen daardoor jarenlang de kosten van een volwassen kind, zonder de bijbehorende financiƫle regelingen. De eerdere ondersteuning verdwijnt, terwijl de feitelijke situatie nauwelijks verandert.
Voor huurders met huurtoeslag kan dit extra nadelig uitpakken. Een bijbaan van de 18-jarige verhoogt het gezamenlijke inkomen. Daardoor kan de huurtoeslag van de ouders dalen. Wat bedoeld is als financiƫle steun, werkt in die situatie juist tegen en vergroot het probleem binnen het huishouden.
Zo proberen gezinnen het tekort op te vangen
Het Nibud sprak met ouders en maatschappelijke organisaties over manieren om het ontstane gat te dichten. Sommige ouders gaan meer uren werken, anderen schrappen uitgaven of stellen grote aankopen uit. Steeds vaker vragen ouders kostgeld aan thuiswonende jongeren. Dat kan helpen, mits er duidelijke afspraken zijn gemaakt.
Deze oplossingen zijn meestal tijdelijk van aard. Ze verlichten de druk, maar lossen het onderliggende probleem niet op. De cijfers laten zien dat de overgang naar achttien jaar voor veel gezinnen geen natuurlijke stap richting zelfstandigheid vormt. Het moment markeert vooral een financiƫle schok, die jarenlang kan doorwerken binnen het gezin.
De discussie blijft of het wenselijk is dat ƩƩn verjaardag zoān grote impact heeft op het gezinsinkomen en de bestaanszekerheid. Ervaringen en visies hierover worden volop gedeeld op sociale media, waar het onderwerp steeds meer aandacht krijgt.










