Geld maakt misschien niet gelukkig, maar het kan wel rust geven. Zeker als je ouder wordt en je plannen langzaam concreter worden: vaker op reis, je huis aanpassen, of gewoon nét wat vrijer leven zonder elke uitgave om te draaien.

Toch is de vraag ‘hoeveel spaargeld hebben ouderen eigenlijk?’ niet zo simpel te beantwoorden. Je hoort regelmatig bedragen voorbij komen die geruststellend klinken, maar achter die cijfers schuilt een verhaal met grote verschillen.
Wat de cijfers echt zeggen
Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) houdt bij hoeveel Nederlandse huishoudens aan bank- en spaartegoeden hebben. Op papier lijken 65-plussers gemiddeld best wat achter de hand te hebben, al verschilt het per leeftijdsgroep.
Voor huishoudens tussen 65 en 75 jaar ligt het gemiddelde spaargeld op € 76.600. In de groep 75 tot 85 jaar is dat gemiddeld € 75.000, en bij 85-plussers zakt het naar € 70.700.
Waarom het gemiddelde kan misleiden
Als je alleen naar gemiddeldes kijkt, lijkt het alsof ‘de meeste’ 65-plussers rond de zeventig- tot tachtigduizend euro spaargeld hebben. Maar gemiddelden hebben een bekende valkuil: een kleine groep met veel geld trekt het hele getal omhoog.
Daarom is het slim om ook naar de mediaan te kijken. Dat is het middelste bedrag: de helft van de huishoudens heeft minder, de andere helft meer. En juist dat maakt het beeld vaak realistischer.
De mediaan: het meer herkenbare midden
Bij 65- tot en met 75-jarigen ligt de mediaan rond € 35.600 per huishouden. In de categorie 75 tot 85 jaar komt de mediaan uit op ongeveer € 34.800. Bij 85 jaar of ouder daalt die naar € 33.000.
Neem je alle 65-plussers samen, dan ligt de mediaan op € 34.900. Dat bedrag voelt voor veel mensen waarschijnlijk herkenbaarder dan de ‘gemiddelde’ € 75.300 die je ook in de statistieken terugziet.

Een overzicht van gemiddeld en mediaan
Om het verschil helder te houden, helpt het om de bedragen naast elkaar te zetten. Dan zie je meteen waarom mediaan en gemiddelde twee heel verschillende verhalen kunnen vertellen, terwijl ze over dezelfde groep gaan.
Leeftijdscategorie
65 tot 75 jaar: gemiddeld € 76.600 – mediaan € 35.600
75 tot 85 jaar: gemiddeld € 75.000 – mediaan € 34.800
85 jaar of ouder: gemiddeld € 70.700 – mediaan € 33.000
Alle 65-plussers: gemiddeld € 75.300 – mediaan € 34.900
Waarom spaargeld vaak afneemt op hoge leeftijd
Dat spaargeld naarmate mensen ouder worden wat zakt, is niet zo vreemd. Veel 85-plussers spreken hun reserves actiever aan. Soms omdat het leven duurder wordt, soms juist omdat ze hun geld willen gebruiken waar het voor bedoeld is.
Denk aan extra zorg of huishoudelijke hulp, aanpassingen in huis, of een verhuizing naar een plek met meer ondersteuning. Ook komt het voor dat ouderen vaker schenken aan (klein)kinderen, waardoor spaarrekeningen sneller dalen.
De drie pijlers onder je inkomen
In Nederland leunt je financiële situatie na je pensionering meestal op drie pijlers. De eerste is AOW: een basisinkomen dat vrijwel iedereen op AOW-leeftijd ontvangt. Het biedt zekerheid, maar is zelden ‘royaal’ te noemen.
De tweede pijler is het pensioen dat je via je werkgever hebt opgebouwd. De derde pijler is je eigen vermogen: spaargeld, beleggingen, of bijvoorbeeld de overwaarde van je woning. Samen bepalen ze hoeveel ruimte je écht hebt.
Let op bij plannen om in het buitenland te wonen
Een droom van veel mensen is om na hun werkzame leven (deels) in het buitenland te wonen. Heerlijk idee, maar het is wel iets om goed uit te zoeken. Zo’n keuze kan invloed hebben op je AOW-opbouw of -uitbetaling.

Wie concrete plannen heeft om te verhuizen, doet er verstandig aan vooraf informatie in te winnen bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB). Dat voorkomt verrassingen later, juist op het moment dat je stabiliteit wilt.
Hoeveel spaargeld heb je eigenlijk nodig?
Er bestaat geen magisch bedrag dat voor elke 65-plusser ‘goed’ is. De één leeft tevreden met een bescheiden buffer, de ander wil graag jaarlijks op reis, een camper, of vaker uit eten. Je wensen bepalen het plaatje.
Het Nibud adviseert in elk geval om een financiële buffer te houden voor onverwachte kosten. Denk aan een kapotte wasmachine, een duur tandartsbezoek, of groot onderhoud aan je woning. Zulke rekeningen komen altijd ongelegen.
Wat je uit deze cijfers kunt meenemen
De CBS-cijfers laten zien dat er in Nederland zeker vermogen is bij ouderen, maar ook dat het sterk uiteenloopt. Het verschil tussen gemiddeld en mediaan maakt duidelijk dat veel huishoudens met een veel kleiner bedrag moeten plannen.
Daarom is het handig om niet alleen naar ‘wat hoort’ te kijken, maar vooral naar je eigen situatie: vaste lasten, gezondheid, woonwensen en plannen voor de komende jaren. En hoe realistischer je rekent, hoe rustiger je slaapt.
Tijd om mee te praten
Er wordt vaak vrij algemeen gesproken over ‘de’ senioren, alsof iedereen dezelfde portemonnee heeft. Deze cijfers laten juist nuance zien: sommige mensen hebben ruime buffers, anderen amper. En dat verschil voel je in vrijheid en keuzes.
Hoe kijk jij hiernaar: geeft spaargeld je vooral rust, of vind je het juist belangrijk om het gaandeweg uit te geven? Laat het weten via onze sociale media—benieuwd hoe jullie dit aanpakken.
Bron: geldzaken.nl


