Voor veel Nederlanders is het bereiken van de AOW-leeftijd een belangrijk moment: eindelijk genieten van het pensioen waarvoor jarenlang premie is betaald. Maar voor sommigen die rond het begin van de jaren zestig zijn geboren, kan dit moment onverwacht later komen dan verwacht, en dat heeft directe financiële gevolgen.

Het verschil van slechts één dag in geboortedatum kan behoorlijk wat betekenen als het gaat om het ontvangen van de AOW. Mensen die net buiten een bepaalde grens vallen, moeten maanden langer wachten op hun eerste uitkering.
Dat roept vragen op bij wie precies wanneer recht krijgt op AOW en hoeveel geld er door deze verschuiving gemist wordt.
Geboortejaar bepaalt uitkeringsdatum
Voor wie in het jaar 1960 geboren werd, geldt nog de oude regeling: deze groep bereikt de AOW-leeftijd eerder dan mensen die in de daaropvolgende jaren zijn geboren. Vanaf 1961 verandert dit echter, en moeten mensen die in 1961, 1962 of 1963 zijn geboren, drie maanden langer wachten voordat ze recht hebben op hun AOW-uitkering.
Dit betekent concreet dat een geboortedatum op 1 januari 1961 ervoor zorgt dat men pas in april 2028 de eerste AOW krijgt, in plaats van januari dat jaar, zoals bij mensen die in 1960 geboren zijn.
Financiële gevolgen van uitstel
Drie maanden langer wachten lijkt misschien een klein verschil, maar wie afhankelijk is van de AOW merkt het verschil direct in de portemonnee. Voor een alleenstaande bedraagt de AOW per maand €1.662,16 bruto. Over een periode van drie maanden loopt dit op tot €4.986,48.
Voor mensen die samenwonen of getrouwd zijn, ontvangt ieder €1.139,39 bruto per maand. Dat is in drie maanden tijd €3.418,17 per persoon minder dan wanneer men drie maanden eerder in aanmerking zou zijn gekomen.
Waarom telt één dag zo zwaar?
De precieze peildatum waarop iemand AOW ontvangt, wordt bepaald door de overheid en is afhankelijk van het geboortejaar. De overheid heeft in het verleden gekozen om de AOW-leeftijd stapsgewijs te verhogen, vooral vanwege de stijgende levensverwachting en om de betaalbaarheid van het stelsel te waarborgen.
Hierdoor ontstaat de situatie dat mensen die net na een bepaalde datum zijn geboren, aanzienlijk later hun eerste AOW-uitkering ontvangen dan mensen die net daarvoor jarig waren.
Waarde van drie maanden AOW
Het bedrag dat gemist wordt door het uitstel van de AOW-leeftijd is voor veel mensen fors. Zeker voor alleenstaanden, die vrijwel €5.000 bruto minder ontvangen in deze periode, kan dit gevolgen hebben voor hun financiële planning.
Voor samenwonenden of gehuwden is het bedrag per persoon lager, maar nog steeds aanzienlijk met ruim €3.400 minder per persoon. Deze bedragen zijn gebaseerd op de huidige bruto AOW-bedragen per maand.
Andere inkomstenbronnen tijdens het wachten
Voor wie kort voor het bereiken van de AOW-leeftijd stopt met werken, kan het zijn dat er nog salaris, een WW-uitkering of een WIA-uitkering doorloopt tot aan het moment dat de AOW ingaat. Toch is het voor velen niet vanzelfsprekend om precies tot aan de nieuwe AOW-leeftijd te blijven werken.
Wie eerder stopt met werken, zal dus zelf de periode moeten overbruggen waarin geen AOW wordt ontvangen.
Pensioen eerder laten uitkeren
Een mogelijkheid om het inkomensgat tijdens deze extra drie maanden te overbruggen, is het eerder laten ingaan van het aanvullend pensioen. Sommige pensioenfondsen bieden de optie om de uitkering eerder te laten starten, zodat het verschil tot het moment van de eerste AOW-uitkering wordt opgevangen.
Hier kleven echter vaak nadelen aan: het pensioen wordt lager omdat het over een langere periode wordt uitgekeerd, en men moet zelf bepalen of deze oplossing passend is voor de eigen situatie.
Zelf controleren wanneer de AOW ingaat
Voor wie wil weten wanneer hij of zij precies recht heeft op AOW, zijn er verschillende online hulpmiddelen beschikbaar. Op de website van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) kan men met de geboortedatum eenvoudig berekenen vanaf welke dag de AOW-uitkering start.
Zo kan men zich goed voorbereiden op het moment waarop het eerste bedrag wordt uitgekeerd en eventuele financiële aanpassingen tijdig plannen.
De verhoging van de AOW-leeftijd treft dus vooral mensen die net na een peildatum geboren zijn. Voor deze groep betekent het niet alleen langer doorwerken of overbruggen, maar vooral ook een flinke financiële tegenvaller: duizenden euro’s minder in de periode dat men dacht te kunnen rekenen op de AOW.






























